speeltechnieken
Speeltechnieken verwijzen naar de handelingen en methoden waarmee muzikanten geluid produceren en controleren. Ze bepalen klankkleur, articulatie en dynamiek en variëren sterk tussen instrumentgroepen. Naast de gangbare speelwijzen bestaan extended technieken die geluid en textuur op onconventionele manieren opleveren.
Bij snaarinstrumenten zoals viool, cello en gitaar omvatten veelvoorkomende technieken onder meer arco (booggebruik), pizzicato (pluken),
Bij blaasinstrumenten gelden ademhalingstechnieken, embouchure en articulatie zoals tonging, legato en staccato; overtones en flutter-tonguing zijn
Slagwerk kent stok- en handtechnieken, verschillende griptypes en klankkleurverschillen door gebruik van mallets, drumspons of hands,
Notatie en onderwijs: speeltechnieken worden meestal beschreven in partituren of uitvoeringsinstructies en in pedagogische bronnen. In