Bijspringen
Bijspringen is een Nederlands werkwoord dat betekent: je ergens als vervanger bij voegen of extra hulp bieden wanneer iemand uitvalt of extra capaciteit nodig is. De term wordt vooral in informele en sportieve contexten gebruikt, maar kan ook in arbeidsomgevingen voorkomen wanneer iemand tijdelijk meewerkt om een taak te voltooien.
Etymologie en gebruiksverband: het woord is opgebouwd uit bij- als voorvoegsel dat “naast” of “in aanvulling”
Grammatica en varianten: bijspringen is meestal de infinitief, en het werkwoord kan in verschillende tijden worden
Educatieve en sportieve contexten: in sportteams verwijst bijspringen naar reserves die tijdens een wedstrijd in actie