CDIspecifieke
CDIspecifieke verwijst naar code, configuratie en gedrag die rechtstreeks afhankelijk zijn van de CDI-standaard (Contexts and Dependency Injection) en van CDI-implementaties zoals die in Jakarta EE. Het omvat onderdelen die CDI-functies gebruiken, zoals afhankelijkheidsinjectie, bean-lifecycle en eventing, en kan daardoor minder portable zijn buiten CDI-omgevingen tenzij er voldoende afscherming of adapters zijn.
De kern van CDI omvat onder meer injectiepunten via @Inject, producer methods via @Produces, en het gebruik
CDI-extensies spelen een belangrijke rol voor CDIspecifieke toepassingen. Via de SPI (javax.enterprise.inject.spi of jakarta.enterprise.inject.spi) kunnen ontwikkelaars
Beheer en configuratie: CDI vereist doorgaans beans.xml of een equivalent bean-discovery-mode. Samen met CDI-specifieke configuratie beperkt
Samengevat verwijst CDIspecifieke naar het deel van een Java-toepassing dat afhankelijk is van CDI, inclusief injectie,