sleutelbetekenissen
Sleutelbetekenissen zijn de meest centrale of kernbetekenissen van een woord: de betekenissen die in het dagelijks taalgebruik het meest voorkomen en die het fundament van de woordbetekenis vormen. In de lexicografie en het taalonderwijs worden ze doorgaans onderscheiden van minder algemene of verhalende betekenissen. Het begrip helpt bij de analyse van hoe een woord functioneert in communicatie en hoe betekenis verschuift met context en gebruik.
Identificatie en rol in woordenboeken: Sleutelbetekenissen worden vaak bepaald aan de hand van corpora en frequentieanalyse
Voorbeeld: het Nederlandse woord "bank" heeft twee kernbetekenissen: 1) meubelstuk om op te zitten; 2) financiële
Toepassingen: In taalonderwijs en natuurlijke taalverwerking ondersteunen sleutelbetekenissen woordenschatleren, sense-disambiguatie en machinevertaling. Ze dienen als leidraad
Variatie en voorzichtigheid: De sleutelbetekenissen kunnen per taalvariant, register of domein verschillen en veranderen in de