interventieeffectiviteit
Interventie-effectiviteit is de mate waarin een interventie in de praktijk tot de gewenste resultaten leidt onder realistische omstandigheden. Het richt zich op externe validiteit: of de bevindingen uit een proef ook gelden buiten de onderzoeksomgeving, in diverse populaties en settings.
Het begrip verschilt van efficacy (efficaciteit) dat meestal in streng gecontroleerde proefomgevingen wordt onderzocht. Efficaciteit meet
Onderzoek naar interventie-effectiviteit doet vaak een beroep op pragmatische trials, observationeel onderzoek, quasi-experimentele ontwerpen of analyses
Factoren die effectiviteit bepalen zijn onder meer implementatiekwaliteit, fidelity, bereik (wie de interventie krijgt), context, voldoende
Voorbeelden zijn vaccinatieprogramma's in de praktijk, school- en community-programma's, en digitale gezondheidsinterventies die in de praktijk
Interpretatie vereist voorzichtigheid: confounding, selectie bias, variabiliteit tussen settings en meetproblemen kunnen de resultaten beïnvloeden.
Interventie-effectiviteit speelt een cruciale rol in beleid en besluitvorming, omdat het de toepasbaarheid en schaalbaarheid van