accesspatronen
Accesspatronen (Engels: access patterns) verwijzen naar de manieren waarop software en systemen gegevens benaderen tijdens uitvoering. Ze beschrijven de regelmatige volgorde van lees- en schrijfbewerkingen op data, en worden vaak gebruikt bij het ontwerpen van opslag, caching en transactiestromen. Een goed begrip van de toegangspatronen helpt bij het kiezen van databasestructuren, indexen en data-indelingen die prestatie en schaalbaarheid verbeteren.
Typische patronen zijn point lookups (het ophalen van één sleutel), range queries of range scans (op basis
Toepassingen liggen in relationele databases, NoSQL-systemen, datawarehousing en caching lagen. De combinatie van patronen bepaalt het
Beheer en optimalisatie: identificeer de dominante patronen via tracing en workloadanalyse, gebruik cachingstrategieën en prefetching, en