vloeistofinterfaces
Vloeistofinterfaces zijn de grenzen tussen twee vloeistoffen die nauwelijks mengen. Op zo’n grens ontstaat een interfaciale spanning γ, de vrije-energiedichtheid per oppervlakte-eenheid die nodig is om de grens te behouden. Voorbeelden zijn olie-water interfaces, essentieel in emulsies, maar ook interfaces tussen water en organische oplosmiddelen komen voor. De waarde van γ hangt af van temperatuur en samenstelling en kan beïnvloed worden door additieven zoals oppervlakte-actieve stoffen of polymeren.
De interface vertoont eigenaardigheden ten opzichte van de bulkfases. De breedte is meestal nanometers, en γ bepaalt
Meting en modellering: γ wordt vaak bepaald met pendant-drop of spinning-drop tensiometrie. Interfaciale rheologie onderzoekt de weerstand
Toepassingen bestrijken emulsies in voedsel en farmacie, extractie en scheiding, en processen in de chemische en